Stelletje ezels

Een paar weekenden geleden zou ik naar Domburg afreizen om heerlijk buiten te gaan schilderen. De dagen ervoor heb ik mijn hele huis omgekeerd om mijn veldezel te vinden. Helaas zonder resultaat. Wat een ezel vond ik mijzelf, dat ik nou toch niet meer voor de geest kon halen waar ik mijn veldezel het laatst gebruikt had.

Op zoek naar vervanging, op internet gezocht en gekeken maar niets sprak mij aan. Ik werd er draaierig van. Op Facebook balkte ik mijn verdriet. En al gauw kwam er een eerste reactie, geen kistveldezel maar wel een schilderkist die al heel lang onder een bureau bij Frans de Leef in zijn atelier stond. Er zat zelfs nog verf in, of ik interesse had? De schilderkist had hij van iemand gekregen die zelf niet schilderde, de originele bezitter bleef onbekend. Die zaterdagmiddag spraken wij af bij Pulchri alwaar de officiële overdracht plaatsvond aan een tafeltje op het bordes.

Diezelfde avond kwam er een tweede berichtje, kort en krachtig van Marike Bok: Ik heb er nog eentje staan op het atelier J mag je zo hebben. Ik maakte een sprongetje van geluk. Algauw werd de afspraak gemaakt. Zondagochtend om half 11 zou ik de ezel ophalen. Eerst dronken we koffie en thee op het Lange Voorhout, waarna de overdracht van de ‘maagdelijk vuile’ kistveldezel voor de deur van de Galerie van Marike plaatsvond. Even namen we door een kiertje een kijkje in de kist, deze leek leeg te zijn. En dus werd hij in de fietstas geschoven en begon ik aan mijn ritje naar huis. Thuis gekomen kon ik mijn nieuwsgierigheid niet lang bedwingen en dus naar het balkon om de kistezel op te stellen. Al gauw liep het zweet langs mijn haren en wenkbrauwen zo mijn ogen in. Probeer dan nog maar eens op een smal balkon zo’n ezel te temmen, voorwaar geen eenvoudige klus. Eindelijk kon ik een kijkje nemen in de kist. Heel veel, echt heel veel spijkertjes! Een schroevendraaier, een mes uit India met houten handvat, een half sigaartje, een camel zonder filter, wat houtskooltjes, twee korte potloodjes, pastelkrijtjes paars en fel blauw, maar ook een dop van een wijnfles en een uitgedroogde bijna versteende mandarijn. Het zegt toch iets over de gebruiker. Toen viel mijn oog op een klein stukje papier dat tussen alle rommeltjes lag.  Een begin van een krantenartikel was uitgescheurd. Met pen was er bij geschreven ‘1938’. In grote hoofdletters stond er boven ‘Belangrijk werk van Paul Arntzenius’ en daar weer onder ‘Het frissche talent van C. Arnold Smith’. En de kist was dus van C. Arnold Smith. Na wat Googlen kwam ik er eindelijk achter wie hij was en ook daar lag weer een link met Pulchri. Maar het krantenartikeltje liet niet veel los over de originele eigenaar van de kistveldezel dan alleen die aanhef. Kennelijk was dat het belangrijkste deel om te bewaren, het frisse talent van……

Ondertussen had ik ook bericht gekregen dat de door mij verloren gewaande veldezel ook opgedoken was en binnenkort weer in mijn bezit zou zijn. En dan heb ik ineens een kudde ezels in huis, de dubbele ezel van Antoinette Gispen die ik van Piet kon overnemen, mijn eigen ‘huisezel’, de verloren gewaande veldezel en nu ook die prachtige degelijke kistveldezel die aan C. Arnold Smith heeft toebehoord. Voor mij liever geen gloednieuwe materialen maar liever iets waar geschiedenis aan kleeft. Marike appte even later: Nog vergeten te zeggen, van deze ezel ga je beter kijken, waarnemen en zien 😉 pas op dat die niet wegloopt. Ik mag hopen dat een beetje inspiratie en ervaring op mijn overgaat.

En zo heb ik dan toch al mijn ezeltjes op het droge.

4 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *